Subdoel fase 3

Ik wil weten hoe ik betekenis kan geven aan data.

Vragen die je kunnen helpen bij het interpreteren:

 

  • Wat valt je meteen op als je deze data/tabel/grafiek bekijkt?
  • Zijn er nog andere zaken die je meteen opvallen zonder dat je daar lang over moet nadenken?
  • Ben je zeker dat je de belangrijkste zaken hebt opgemerkt? Zo ja, waarom denk je dat? Zo neen, hoe verklaar je dit?
  • Als je nu opnieuw naar de data/resultaten kijkt, zijn er dan bijkomende zaken die je opvallen? Welke vragen roept dit bij jou op?
  • Komt dit overeen met andere data/resultaten (vb. je eigen leerlingenresultaten/observaties, …)? Hoe verklaar je dit?
  • Als je dit allemaal nog eens goed bekijkt, zijn er dan bijkomende zaken die je belangrijk lijken? Zijn er zaken die je niet meteen zijn opgevallen maar nu wel? Wat denk je precies?
  • Hoe interpreteer jij deze resultaten? Wat zie jij anders dan wat er daarnet gezegd werd?

Vragen die je kan stellen om een juiste diagnose te stellen:

  • Wat is/zijn volgens jou de oorza(a)k(en) van deze resultaten (positief, negatief, klascontext, schoolcontext, …)?
  • Hoe voel je je daarbij?
  • Kan je nog bijkomende positieve en/of negatieve oorzaken benoemen die mogelijk een invloed hebben op deze resultaten?
  • Welke rol spelen de leerlingen/ouders/ondersteuners/ … hier volgens jou in?
  • Welke link kan je leggen met je eigen klaspraktijk? Als je even nadenkt over je eigen klaspraktijk, hoe kan je deze resultaten dan verklaren? (Zowel positief als negatief).
  • Hoe komt het dat je daar eerst niet aan gedacht hebt en nu wel?
  • Welke bijkomende stappen zou je kunnen zetten om deze resultaten voor jezelf te duiden?
  • Welke andere oorzaken kunnen we hier samen nog aan toevoegen?
  • Hoe zie jij dat dan?
  • Hoe kunnen we dit verklaren?
  • Wat wordt er bevestigd? Wat dienen we te nuanceren?

 

Wil je een concreet uitgewerkt voorbeeld zien, klik dan hier.